Eenheid versus dualiteit

Eenheid versus dualiteit‘Versus’ en dualiteit passen natuurlijk al perfect bij elkaar. Tegenstellingen, verdeeldheid. Is dat niet wat het leven kenmerkt? We zijn allen met elkaar verbonden, maar aan de andere kant leven en sterven we alleen. Dat klinkt natuurlijk niet zo gezellig, maar is het in feite niet het geval? Wat we ook met een ander delen, er blijft altijd een deel ongezien. Onuitgesproken. Ongekend. We leven ons leven alleen en zijn desondanks verbonden met alles en iedereen om ons heen. Hoe kunnen we die verbondenheid vaker ervaren, bestaat het wel, en welke rol speelt dualiteit in dit geheel?

Dualiteit als universele waarheid
Over dualiteit is al ontzettend veel gesproken en dat is niet vreemd, want alles kent nu eenmaal zijn keerzijde. Toch? We kennen duisternis en licht, geluk en ongeluk. We kennen de beide zijden, doordat ze allebei bestaan. Sterker nog: de ene zijde bestáát dankzij de andere zijde. Echter, is het niet de mens die deze zijden tot leven brengt? Hoe vaak plakken we niet een etiket op iets of op iemand? Wij verzonnen taal, woorden en zinnen. Wij mensen zijn de scheppers van manieren om onze boodschap over te brengen. Wij ervaren emoties, voorkeuren, afkeuren, en overtuigingen. Zijn wij het niet, die spreken over licht en duisternis, of liefde en haat? En, houdt dat automatisch in dit ook echt bestaat?

Er wordt weleens gezegd dat dualiteit nu eenmaal onlosmakelijk is verbonden met ons menselijk bestaan. Het zit in de aard van het beestje, stelt men. Het hart is altijd maar in gevecht met het hoofd. Er is liefde en er is haat. (Liefde is bovendien “goed” en haat “slecht”). Het zijn overtuigingen die wij als mensen in het leven hebben geroepen. Het zijn waarheden die via de mens geboren konden worden. Ze worden doorgegeven, van mens op mens, als een virus dat gewelddadig om zich heen slaat. Natuurlijk bestaat dualiteit, want we weten niet beter.

We streven desondanks naar verbondenheid. Steeds vaker en intenser. De wereld wordt gevoelsmatig kleiner, net als de afstand tussen mensen en continenten. Alle vooruitgang kent echter zijn keerzijde, zo blijkt. Eenzaamheid, oorlog, crisis. Is dat nu ons lot, als slachtoffers van dualiteit?

Eerst geloven, dan zien
Ik las eens een anekdote over een groep mensen, heel lang geleden, ergens ver weg. Daar, in dat verre land, kwam opeens een enorm schip voorbij gevaren. De mensen hadden zo’n vaartuig op de grote zee echter nog nooit gezien. Het gevolg? Het schip passeerde ongezien. Het ging totaal aan iedereen voorbij! Of het nu waargebeurd is of niet: het bevat een diepe kern van waarheid. Wat we kennen, dat zien we. En wat we geloven zien we terug in de wereld om ons heen, in “de werkelijkheid” zoals we dat ooit besloten te noemen. Alles zal het bevestigen, versterken, benadrukken en bewijzen.

Twee losse zijden, of één munt?
Dualiteit bestaat, als jij dat gelooft. Het leven is een lijdensweg, als jij dat gelooft. Dat we gescheiden of verbonden kunnen zijn, is iets dat we geloven. En wat we geloven zien we terug in de wereld om ons heen, in ons dagelijks leven. Hoe kun je overigens verbondenheid ervaren als je steeds maar onderweg bent naar verbondenheid? En, wanneer ben je daar eigenlijk? Wat zou er gebeuren als we beide zijden van de denkbeeldige munt zouden accepteren: zo intens, dat we gewoon een munt waarnemen?

Eenheid is een illusie, evenals verdeeldheid. Of ze zijn beide “werkelijkheid”. Het woord dualiteit is slechts een term, een woord zonder wezenlijke inhoud. Tja, weet jij waar je dualiteit kunt vinden? Heb je er foto’s van gezien, of heeft het zich aan je voorgesteld? Waarschijnlijk niet.

De grote vraag is wellicht: wacht je op iemand die jou vertelt wat waarheid is en wat niet? En, wat weet diegene dat jij niet weet? Bestaat er trouwens wel “iemand”, een persoon los van jou, of ben jij in feite die wijze persoon wiens wijsheid je wél voor waarheid durft aan te nemen? Dualiteit is wat jij ervan maakt, net als verbondenheid, geluk, ongeluk, liefde of haat. Onderweg zijn naar verbondenheid is onmogelijk. Je bent er of niet. Sterker nog: je bént het, of je bent het niet.