Osho en de Dalai Lama op mijn schouders

Figuurlijk, ja, niet letterlijk. Dat zou apart zijn. En zwaar! Hoewel de één nog leeft en de ander niet meer, dus dat scheelt wel weer wat gewicht. Het zijn twee mensen waarvoor ik veel respect heb. Twee mannen met een eigen visie, die mij heel veel hebben doen inzien. Osho hield van verwarring scheppen, hij kon behoorlijk eigenwijs zijn, geloofde in natuurlijk handelen en spoorde mensen aan tot het omarmen van zowel het aardse als het spirituele. De Dalai Lama (Tenzin Gyatso) staat voor mij symbool voor mededogen, vrede, het grotere goed, gericht zijn op anderen en alles in het werk stellen om een negatieve invloed op andere levende wezens te voorkomen.
Twee verschillende mensen, twee verschillende boodschappen, maar voor mij zijn ze even waardevol. Inmiddels zijn ze een soort raadgevers geworden. Het is bijna alsof ze op mijn schouders zitten, zoals je dat beeld ook kunt hebben van een engeltje en een duivel. Links zit de Dalai Lama, met zijn hilarische accent en aanstekelijke lach. Rechts zit de langzaam sprekende Osho, die mij met een eigenwijze blik in zijn ogen bijstaat en van advies voorziet. Natuurlijk ben ik het beide zelf, of is het een bundeling van alles wat ik in mij opnam en wat inmiddels deel is geworden van ‘wie ik ben’ en hoe ik om mij heen kijk. Maar, het is natuurlijk veel grappiger om deze heren letterlijk op mijn schouders te zien zitten en met elkaar in discussie te zien gaan. Makkelijk is dat echter niet altijd!
Soms heb ik het gevoel dat ik mezelf voorbij loop en als het ware wordt meegesleurd in kleine en grote drama’s van anderen. Dan vind ik het niet altijd makkelijk om te zeggen: “Ho, nu is het even genoeg.” Als ik luister naar de Dalai Lama, dan negeer ik mijn gevoel en richt ik me op de ander en de positieve invloed die ik kan zijn in het leven van die persoon. Als ik naar rechts kijk zie ik Osho grijnzend zijn hoofd schudden en weet ik dat ik er niet voor een ander kan zijn, als ik er niet eerst voor mezelf ben.
Of ik moet iets doen of laten, om een ander voor pijn te behoeden (volgens die persoon zelf). De Dalai Lama vertelt mij dat dat een klein offer is voor een groots resultaat. “My religion is kindness!” Osho daarentegen zegt, in zijn kenmerkende langzame tempo: “Proef van alles, ervaar alles. Handel natuurlijk! Waarom zou je nadenken over wat je gaat doen in plaats van gewoon doen, gewoon zijn? Het is waanzin! Hoe wil je ooit iedereen gelukkig maken? Begin bij jezelf! Leef! Lach! Heb lief!” Ik kijk links en ik kijk rechts. De Dalai Lama schuift zijn brilletje terug op zijn neus en Osho kijk me met glinsterende oogjes aan. Tja, er zit een kern van waarheid in beide visies. En nu?
“Ieder mens wil gelukkig zijn en vrij zijn van lijden,” zegt de Dalai Lama, waarop Osho in lachen uitbarst: “Kom op! Sommige mensen zijn gewoon dwaas!” De Dalai Lama grinnikt. “Natuurlijk, maar zij lijden onder hun onwetendheid. Je kunt het ze niet kwalijk nemen!”
Eh, heren… bedankt hè!